kyoto calling
Havenpersclub ”Kyoto” Rotterdam

Het Vrije Volk van dinsdag 12 januari 1988

Schoufour is de havenman van het jaar

ROTTERDAM – Jacques Schoufour is door de Rotterdamse havenpersclub Kyoto uitgeroepen tot havenman van het jaar 1987. Voorzitter K. de Gast van Kyoto overhandigde de inmiddels gepensioneerde ’havenbaron’ gisteren in het Schielandhuis de erepenning die bij de onderscheiding hoort.

Schoufour krijgt de titel vanwege zijn vele verdiensten voor de haven van Rotterdam in zijn 42-jarige loopbaan bij Koninklijke Frans Swarttouw en vele andere functies. Hij besloot zijn carrière als voorzitter van de Samenwerkende Vervoer- en Zeehavenondernemingen (SVZ), de havenwerkgeversorgansatie in Rotterdam. Die bouwde hij in drie jaar om tot een volgens De Gast ’hechte belangenorganisatie’.

„Opgegroeid in de haven, de man van het massagoed, de man met visie: de stappen van de Waalhaven naar de Botlek, de sprong van de Botlek naar de Europoort, de aanloop naar de Maasvlakte. Hij heeft zijn kennis en ervaring in dienst gesteld van de gehele haven,” zo zei de Kyoto-voorzitter.

Bij zijn afscheid van zijn functie bij de SVZ werd Schoufour vorig jaar onderscheiden met de Wolfert van Borsselen-penning en werd hij ridder in de orde van de Nederlandse Leeuw. Dat Schoufour daar bovenop toch nog los van een direct actuele aanleiding door Kyoto als Havenman van het jaar is verkozen verklaarde De Gast als volgt: „Hoe kan een man met zoveel verdiensten de haven verlaten zonder een keer havenman te zijn geweest? Dan zou er iets niet kloppen. Dat willen we bij zijn vertrek goedmaken.”

Schoufour verklapte overdonderd te zijn. „Mijn mond viel open toen ik het hoorde,” vertelde hij. „Ik had echt een ander in het hoofd. Er zijn in Rotterdam meer mensen geweest, die aanspraak op de prijs maakten. Ik deed slechts mijn werk en daar werd ik voor betaald. Dat is geen verdienste. Als ik het bij de SVZ niet goed zou hebben gedaan, hadden ze mij er ook uitgegooid.”

Eén ding moest de nieuwe havenman van het hart: „Er wordt veel over de haven geschreven alsof we de boot hebben gemist. Maar dat is niet waar. Er is veel positiefs te melden. We raken het ’volumesyndroom’ gelukkig kwijt en zoeken het nu in de dienstverlening.” Voor het slagen van plannen om de Rotterdamse economie omhoog te vijzelen acht Schoufour het een voorwaarde om die plannen op één punt te coöordineren. En tot besluit: „Tot mijn stervensdag zal ik Rotterdammer blijven.”

Naast Schoufour stond ook hoofdredacteur Gerard Krul van Het Vrije Volk kandidaat voor de benoeming tot havenman, omdat hij het slepende stukgoedconflict in juli vorig jaar wist op te lossen. Hij werd het niet, omdat een havenman volgens De Gast zijn wortels in de haven dient te hebben en omdat Kruls prestatie ook grote elementen van toevalligheid in zich droeg.

De Gast: „Hoewel zijn prestatie ongetwijfeld van groot gewicht is, was de tijd zijn grootste bondgenoot en dat maakte de uitslag van zijn bemiddeling een beetje voorspelbaar. Verder zijn we het niet gewend collega’s te moeten toespreken.”

Met vriendelijke toestemming van Rotterdams Dagblad als rechtsopvolger van Het Vrije Volk

Terug naar boven