kyoto calling
Havenpersclub ”Kyoto” Rotterdam

Rotterdams Dagblad van vrijdag 16 januari 1998

Fruitoverslag in één hand

Door Hans Roodenburg

Rotterdam – De groente- en fruitoverslag in het Merwehavengebied is fors gereorganiseerd en thans praktisch in één organisatie ’Seabrex’ ondergebracht. Bovendien staan er forse investeringen van tientallen miljoenen guldens op stapel waardoor de opslag- en overslagcapaciteit met minstens vijftig procent zal toenemen. In Seabrex zijn het stuwadoorsbedrijf Seaport Terminals Merwehaven (van HIM Furness) en het fruitexpeditiebedrijf Seabrex Expediteurs (van Ebrex) ondergebracht.

De nieuwe onderneming Seabrex, die per 1 januari van start is gegaan, is voor zeventig procent eigendom van het op de Amsterdamse beurs genoteerde HIM Furness en voor dertig procent van Ebrex, één van de grootste expediteursbedrijven van de Rotterdamse haven. „Het mooie van deze combinatie is,” zo zegt algemeen-directeur Jan Ebus, „dat in Seabrex twee totaal verschillende culturen zijn samengebracht, een havenstuwadoorsbedrijf van oudsher en een expediteurs- en opslagbedrijf.”

De reorganisatie is vorig jaar nogal stilzwijgend verlopen. Ook zonder herrie en dat is in de haven uniek. Er moesten wat gevoeligheden worden weggenomen. Zo moest een traditioneel havenbedrijf als Seaport Terminals worden gesplitst: het deel aan de Merwehaven is dus Seabrex geworden; de terminal aan de Brittannië haven wordt ingebracht in een samenwerkingsverband met Hoogewerff De Rijke. Bovendien moesten twee verschillende soorten arbeidsvoorwaarden, de stukgoed-CAO uit de haven van Seaport Terminals en de arbeidsvoorwaarden van Seabrex Expediteurs (geen CAO), in elkaar worden geschoven.

Haven-CAO
De nieuwe organisatie waarbij in totaal driehonderd mensen (tweehonderd van Seaport en honderd van Seabrex Expediteurs) werken, hanteert in zijn geheel de haven-CAO voor havenwerkers en beambten. Stilzwijgend („Netjes en correct met goede afvloeiings- en uittredingsregelingen”) heeft er een inkrimping plaatsgevonden van ruim vijftig mensen.

„In de oude situatie had je een reeks los van elkaar werkende bv’s of afdelingen met ieder hun eigen directeur of baasje, een secretaresse, een boekhouder, enz. We hebben al die tussenschuiven eruit gehaald en een platte organisatie opgezet. Ik heb als expediteur in het verleden ook wel eens zo mijn twijfels gehad over die zogenoemde dure haven-CAO. Nu ik er zelf direct mee te maken heb gekregen, ben ik van mening veranderd. Als je het allemaal op een rijtje zet, is die CAO helemaal niet zo duur en is het voor het functioneren van de mensen een goede zaak als je hen een bepaalde zekerheid kan bieden.”

Bovendien is het nieuwe Seabrex ook nog eens een van de grootste gebruiker van de havenpool SHB, zeker in de piekperiode die loopt van februari tot en met juni. „Je wordt er koud van als je ziet wat we dan hier doen. Vroeger waren de pure zee-overslag en de belading van vrachtwagens in de opslagloodsen volstrekt gescheiden. Nu wordt geïntegreerd gewerkt. Bij ons mag de vorkheftruckchauffeur in de koelloodsen net zo goed de traditionele havenarbeider helpen bij het lossen van de schepen en andersom. Daardoor moesten wat oude gevoeligheden en culturen overwonnen worden. Dat is gelukt en we denken hierdoor een efficiënte en misschien wel unieke organisatie in de havenoverslag te hebben opgericht,” zegt Ebus (tevens directeur/eigenaar van Ebrex).

Wat ’de impact’ hiervan is, rekent hij snel voor. „We hebben onze overslagprijzen met vijfentwintig procent kunnen verlagen. We moesten wel, de markt dwong ons daartoe. In de oude situatie was het gehele traject vanuit het schip tot aan het laden van de vrachtauto’s te duur. Nu zijn we in kostprijs zeer zeker concurrerend geworden ten opzichte van de andere havens in de fruitoverslag waarvan Antwerpen, Hamburg, Bremen en ook Vlissingen onze belangrijkste rivalen zijn. Maar misschien nog belangrijker is dat we door de geďntegreerde activiteiten stukken slagvaardiger kunnen optreden op de markt en dat is in het aantrekken van nieuwe ladingpakketten in een snelle goederensoort als het fruit van eminent belang.”

Tomaten
In de Merwehaven aan de korte vaartpier, de middenpier en bij Fruit Terminal Rotterdam en Rotterdam Fruit Port (beide laatste accommodaties worden verhuurd aan Seabrex) is vorig jaar 970.000 ton fruit en groente overgeslagen. Het fruit komt vooral uit Zuid-Amerika. Tomaten uit de Canarische Eilanden zijn alleen al goed voor een kwart van de totale overslag. Daarnaast lost Seabrex nog zo’n 100.000 ton bevroren sinaasappelsap uit Brazilië bij de juiceterminal Hiwa aan de IJsselhaven. In totaal beschikt Seabrex nu over bijna 100.000 vierkante meter loodsruimte, waarvan 45.000 vierkante meter voor koeling tot 0 graden Celcius.

Jan Ebus heeft echter al grote uitbreidingsplannen. „Met de huidige capaciteit zitten we eigenlijk al tot de nok toe vol. Willen we meer gaan doen, dan moeten we dus uitbreiden.” Op een braakliggend terrein wordt dit jaar nog vierduizend vierkante meter koelloodsruimte gebouwd (een investering van negen miljoen gulden). Een groot op stapel staand project (investering voor Seabrex minstens veertig tot vijftig miljoen gulden) is voorts het deels of helemaal dempen van de haven tussen de middenpier en kortevaartpier waar dan in fases twee nieuwe koelloodsen van 30.000 vierkante meter zouden kunnen verrijzen. Want vooral aan loodsruimte is er een gebrek.

Met het Gemeentelijk Havenbedrijf Rotterdam (dat de investeringen in de infrastructuur moet doen; naar schatting tientallen miljoenen guldens) wordt gesproken over het uitvoeren van die uitbreidingsplannen. Ebus verwacht toch wel binnen vijf tot zeven jaar de uitbreiding te kunnen realiseren. In die situatie zou de totale (arbeidsintensieve en dus extra werkgelegenheid opleverende) fruitoverslag langs de Merwehaven kunnen groeien tot anderhalf tot twee miljoen ton met 175.000 vierkante meter opslagruimte.

Monopolie
Eigenlijk is in de conventionele fruitoverslag (op pallets) met de vorming van Seabrex een monopolist in de Rotterdamse haven ontstaan. Er is nog een andere concurrent, Kloosterboer aan de Keilehaven, maar die doet slechts enkele tienduizenden tonnen. Tevens komt er ook wel fruit in koelcontainers, wat ook de reden is dat Seabrex samen met Eurofrigo nabij ECT op het distributiecentrum Maasvlakte een koelhuis wil gaan zetten van duizend vierkante meter voor het ’strippen’ van containers. Ebus benadrukt overigens dat het woord ’monopolie’ voor Seabrex misplaatst is. „Het gaat niet om concurrentie ín de haven maar tússen de havens en die is er nog volop.”

Seabrex zou vorig jaar een omzet hebben gehaald van 110 à 115 miljoen gulden. De nieuwe combinatie is uiteraard ook op forse winstgroei gericht. „Onze partners van HIM Furness zien in de nieuwe onderneming ook een solide basis voor winstverbetering. Trouwens, we hebben ook hard winst nodig om in de komende jaren forse investeringen te kunnen doen.”

Antwerpen is dankzij de in de jaren zeventig uit Rotterdam weggehaalde bananenoverslag met 1,6 miljoen ton de grootste op het gebied van de fruitoverslag in West-Europa. Als die bananen niet worden meegeteld, dan is volgens Ebus Rotterdam marktleider. Overigens ziet hij in de komende jaren mogelijkheden om ook op bananengebied weer een rol te spelen.

„Er is een toenemende tendens in de laadhavens in Zuid-Amerika om bananen op pallets te verschepen. Nu worden de schepen nog doosje voor doosje op een speciale manier via lopende banden geladen en gelost. Dat blijkt achteraf toch een dure en minder efficiënte manier te zijn. Bovendien vragen de supermarktketens in Europa ook een andere manier van toelevering. Dus het zou best kunnen dat gepallettiseerde aanvoer van bananen het gaat maken. Het gebeurt nu al op bescheiden schaal met bananen uit Mexico, de Dominicaanse Republiek en Costa Rica.

Met vriendelijke toestemming van Rotterdams Dagblad