kyoto calling
Havenpersclub ”Kyoto” Rotterdam

Het Vrije Volk van 16 januari 1990

Den Dunnen ’Havenman van ’t Jaar’

ROTTERDAM – Havenwethouder Roel den Dunnen is door de Rotterdamse havenpersclub Kyoto benoemd tot Havenman van het jaar 1999. Den Dunnen krijgt de onderscheiding wegens zijn rol als ’bemiddelaar’ tussen de verlangens van de haven en de visie van de politiek én als stimulator van ’Het Nieuwe Rotterdam’.

Uit handen van voorzitter K. de Gast van Kyoto ontving Den Dunnen gisteren de Kyoto-erepenning in zoldercafé de Bonte Hond van het historisch museum De Dubbelde Palmboom in Delfshaven. De Gast zei dat het binnen de PvdA in Rotterdam de nodige overredingskracht kost om de onvermijdelijkheid van diepgaande besluiten over te brengen en dat het Den Dunnens prestatie is daarin een klimaatsverandering tot stand te hebben gebracht.

„Dat er een einde is gekomen aan de vijftien jaar durende frustraties is in doorslaggevende mate te danken aan zijn inzet om zijn partij te dwingen keuzes te maken die voor de stad en de haven van bepalend belang zijn,” zo zei hij. Voorbeelden zijn de aanleg van de Swarttouwterminal en de fruitloods, met daaromheen de complicatie Zuidafrika. De Gast noemde daarbij ook de ontwikkeling van de Kop van Zuid en de verplaatsing van vliegveld Zestienhoven.

Den Dunnen reageerde op zijn gebruikelijke luchtige manier van praten: „Het was in de haven een spetter van een jaar. De lading spoelt je over de voeten, als het klimaat even rustig is.”

Den Dunnen zei in zijn functie als wethouder Haven en Economische Zaken een aantal momenten te hebben gehad, die het beeld van de Rotterdamse haven voor hem bepalen. Daaronder een bezoek van een Beierse minister van Verkeer, die het volgens Den Dunnen Spaans benauwd kreeg door de grote omvang van de Rotterdamse haven. Hij had nog nooit eerder een haven gezien. „En bij een bezoek aan de Duitse staalproducenten in Frankfurt na een staking bij de ertsoverslag wilde de voorzitter van de SVZ, toen J. Schoufour, ook even wat zeggen. In zijn ’steenkolenduits’, voorovergeleund en met wijde armbewegingen, vertelde hij onomwonden dat Rotterdam gewoon de beste haven is. En dat begreep men,” aldus Den Dunnen.

Volgens hem is het de aanwezigheid van creativiteit en het vooruitlopen op veranderingen, waardoor de Rotterdamse haven is geworden wat zij is. „Het is essentieel om te weten hoe je met vernieuwingen om moet gaan en om regelmatig met elkaar in gesprek te blijven en naar elkaar te willen luisteren,” zei Den Dunnen. De essentiële punten van Rotterdam noemt hij goed georganiseerde sociale partners, openheid, het nastreven van duidelijke doeleinden, de moed om wijzigingen in het beleid bij de achterban te verdedigen en het afzoeken van de horizon.

De inbreng en de houding van een wethouder binnen al die ontwikkelingen vindt Den Dunnen marginaal: „Je mag meespelen binnen uitgezette lijnen. Het systeem pompt toch wel door. Slechte havenwethouders kan dat systeem niet hebben. Die worden gecorrigeerd, of ze worden keurig afgeserveerd.”

Afdruk met vriendelijke toestemming van Rotterdams Dagblad als rechtsopvolger van Het Vrije Volk

Terug naar boven